Een tijd geleden gaf ik een voordracht aan de
theologiefaculteit van de KULeuven over “Waarheid in het digitale tijdperk”.
Enkele uittreksels. (12/15)
Criterium
van incarnatie
heeft voor de meeste van onze tijdgenoten afgedaan. Waarheid moet je kunnen
verifiëren, ervaren, zien, horen en voelen. Dit geldt a fortiori voor de
digitale omgeving. De tijd van de digitale onschuld is voorbij.
de informatie- en opinieproductie hebben een verbijsterend post truth gehalte verworven. Alternative
facts wórden geproduceerd en hebben een reële efficiëntie. We hebben er de
voorbije maanden indrukwekkende voorbeelden van gezien. Het zou je bijna doen
twijfelen aan het belang van de historische werkelijkheid. Toch is en blijft
voor ons mensen de verifieerbare feitelijkheid de toetssteen en het uiteindelijke
oogmerk. Incarnatie, het samenkomen van woord, beeld en feitelijkheid, blijft
een doorslaggevend waarheids- en waarachtigheidscriterium.
een groot communicatietalent. Hun score voor dit tweede criterium – het
samenvallen van woord en daad/feitelijkheid – is, op zijn zachtst gezegd, ongelijk.
dit dat het belangrijk is dat zij geen parallelle wereld wordt, die los komt te
staan van de fysieke wereld. Anders gezegd, de uitdaging, ook voor christenen,
is om systematisch bruggen te slaan die de digitale en fysieke werkelijkheid
verbinden.
