George en Lennie zijn straatarme
landarbeiders in Californië tijdens de Grote Depressie (1873-1896). Ze verhuren
hun arbeid in steeds weer andere ranches. Tussen beiden bestaat
een bijzondere band. Lennie is een beresterke reus met het verstand van een
kind van vijf jaar. George voelt zich verantwoordelijk voor hem. Lennie heeft
een absoluut vertrouwen in George, die op zijn beurt Lennie door en door kent
en voor hem door het vuur zou gaan. Hun vriendschap is de rode draad
van de roman Van muizen en mensen van John Steinbeck (1902-1968).
De
sfeer in de boerderij waar ze terechtkomen is keihard. Het is er ieder voor
zich. De andere landarbeiders verbazen zich over de ongewone band tussen George en Lennie. Toch
wordt de echtheid ervan gerespecteerd. Beide vrienden hopen ooit voldoende geld
te verdienen om samen een huisje te kunnen kopen. Het is voor ieder echter duidelijk
dat dit niet meer is dan een zoete droom. Desondanks vraagt de ene na de andere werkman of hij mee mag sparen
voor het huisje. Die toestemming krijgen ze. De verbondenheid tussen George en
Lennie werkt aanstekelijk.
verbondenheid? Thomas van Aquino was een grote denker uit de dertiende eeuw. In
een van zijn boeken gaat hij op zoek naar de kern van wat het betekent een
(unieke) persoon te zijn. Zijn conclusie is verrassend eenvoudig. Een persoon,
zo besluit Thomas na een lange redenering, ís relatie. Het je verbinden met
anderen is niet zomaar een leuke hobby. Het is een voorwaarde om te bestaan als
mens. Mensen zijn gemaakt om te leven in verbondenheid. Hoe meer je leeft in verbondenheid
met anderen, hoe meer je mens wordt. Anders gezegd, verbondenheid – daar leidt
relatie immers toe – raakt aan de natuur zelf van het menszijn. Individueel en
ook gemeenschappelijk.
Nikolaas
Sintobin sj
