Voor “Liefke” schreef ik een overweging over “Acceptatie”. Hier enkele uittreksels. (8/8) Bij het begin van deze serie heb ik de getuigenis aangehaald van de Hongaarse jood Tomas Kiss. Tot slot wil ik een van de laatste paragrafen citeren uit zijn biografie (Où passe l’aiguille,...
Voor “Liefke” schreef ik een overweging over “Acceptatie”. Hier enkele
uittreksels. (8/8)
Bij
het begin van deze serie heb ik de getuigenis aangehaald van de Hongaarse jood Tomas Kiss. Tot slot wil ik een van de laatste paragrafen citeren uit zijn
biografie (Où passe l’aiguille, 2018).
Tomas spreekt er tot zijn nichtje, nadat hij haar zijn hele
levensverhaal heeft verteld, de tragische ervaring van de concentratiekampen
incluis. Ik vind deze regels even kras als hoopgevend. Ze doen vermoeden dat het mogelijk
is om ook met de meest tragische aspecten van een levensverhaal in het reine te
komen. Niet alleen om ze te aanvaarden. Meer nog, om je je ermee te verzoenen.
Sommige dagen
vraag ik me af wat ik geworden zou zijn zonder de deportatie. Een loodgieter
misschien, een eenvoudig mannetje in overall, waarschijnlijk een dilettant, op
zijn minst een gelukkige man, zonder het te beseffen. Tegen jou kan ik het
zeggen, aangezien jij alles al weet: dit geluk dat ik nu zo sterk voel, ik ben
het verschuldigd aan het kamp, net als alle andere goede dingen van mijn leven.
Het naaien, mijn carrière, Frankrijk, zelfs mijn huwelijk, goed en kwaad, alles
vindt daar zijn oorsprong.