“Ik veronderstel dat ik je nu niet moet vragen hoe het me jou gaat. Ik kom hier immers om te vertellen hoe het met mij gaat”.
Zo merkte een jonge dame onlangs glimlachend op bij het begin van een begeleidingsgesprek. Inderdaad, de geestelijke begeleiding heeft iets bijzonder. De begeleider is daar om de ánder de kans te geven om te spreken. Door te luisteren en zichzelf – althans op zekere wijze – tussen haakjes te plaatsen, schept de begeleider een ruimte waarbinnen de ander in vrijheid en vertrouwen aan het woord kan komen. Geestelijk begeleiden vraag om goed te kunnen zwijgen.
Net zoals bij de therapeut of de psychiater? Toch niet. De geestelijke begeleiding vertrekt expliciet van het geloof in een liefdevolle God. Bedoeling van het gesprek is steeds, rechtstreeks of onrechtstreeks, om beter te zien – onderscheiden – hoe God werkzaam is in het leven van de begeleide persoon. De begeleider begeleidt dan ook niet enkel in eigen naam. Hij vertegenwoordigt de ruimere Kerkgemeenschap die hem/haar die bijzondere zending gegeven heeft.
Geestelijke begeleiding is een mooi dienstwerk. Het is zo oud is als de Kerk zelf. Het is een genade. Delen