heel trendy: het grote belang dat zij hecht aan de menselijke gevoelens, de
feelings. Dat horen wij graag, als moderne
mensen. De persoonlijke, affectieve ervaring – een van de meest basale niveaus
van het menszijn – als vindplaats van God. Dit naar waarde schatten van het gevoelsmatige niveau van de eigen ervaring is evenwel geen doel op zich. Het is
niet louter een passief genieten, een “liken” van dat goede gevoel tot als het,
om de een of de andere reden, verdwijnt en vervolgens hopen dat het terugkomt,
en het omgekeerde voor onaangename gevoelens.
dat de diepere affectieve bedding van de ervaring een vindplaats kan worden van
Gods verlangen en uitnodiging naar de mens. Het biddende hart, de door het
gebed en de dagdagelijkse navolging van Jezus uitgezuiverde hart en gevoeligheid
worden niet alleen de plaats bij uitstek waar de mens God gratuit kan ontmoeten
en zo tot herbronning kan komen. Ignatius gaat verder. Immers, hij biedt een
spirituele pedagogie aan die de mens leert om in zijn eigen hart de sporen
vinden die God zelf erin heeft achtergelaten en om zo weg te vinden die hem kan leiden naar méér
leven.
De menselijke gevoelens zijn inderdaad de grondstof bij uitstek
van de ignatiaanse onderscheiding van de geesten. Het onderscheidend luisteren
naar Gods stem in ons hart, kan ons dichter brengen bij ons verlangen, bij
datgene wat “steeds meer mens worden” (humaniora”) concreet betekent voor elkeen in het bijzonder. Op zich
is deze bewustwording reeds sterkend en herbronnend. Door vervolgens, doorheen concrete
keuzes, je levenskoers steeds meer te oriënteren op die goddelijke uitnodiging,
wordt het mogelijk om die bron steeds meer centraal te stellen in het eigen
leven.
Nikolaas Sintobin sj
