dagboek. Het is van een verrassende aktualiteit.
paus en martelaar, was ik om 3 uur ‘s morgens opgestaan. Ik ervaarde veel
vreugde (…) bij het bidden voor de noden van de anderen. Achtereenvolgens
vernoemde ik de christenen, de Joden, de Turken en de heidenen, de ketters
alsook de doden. Ik dacht aan aan al de miserie van de mensen, hun zwakheden, hun
zonden, hun stugheden, hun wanhoop en hun tranen, de rampen, de hongersnoden,
de epidemies en de angsten, enz.
Christus de Verlosser, Christus die leven brengt, die verlicht, die te hulp
komt, barmhartig en meelevend is, Heer en God. Ik bad Hem met al de kracht die verscholen
ligt in die namen en vroeg Hem om alle mensen te hulp te komen.
vroeg toen, met grote vreugde en met een heel nieuw gevoel, dat het me gegeven
zou worden om eindelijk de dienaar te zijn van de troostende Christus, om
dienaar te zijn van Christus die te hulp komt, die bevrijdt, geneest, verrijkt
en versterkt, opdat ook ik, door Hem, velen zou mogen kunnen helpen.
