wil zijn” (Jezuïetenwijsheid 4/5)
een artikeltje deelt hij met de lezer de vijf mooiste staaltjes van
jezuïetenwijsheid die hij ooit te horen kreeg.
veel details geven. Op een bepaald ogenblik tijdens mijn opleiding als jezuïet
woonde ik samen met een moeilijk man. (Stel je voor!) Hij had veel goede
kwaliteiten, maar hij wilde altijd het laatste woord hebben en liet nooit af. Vermits
ik het altijd met hem aan de stok kreeg, leek het wel dat ik op mijn beurt
begon te veranderen. Ik was altijd op mijn hoede, wilde het laatste woord
hebben en liet niet meer af, eigenlijk om mezelf te beschermen.
bracht bij mijn geestelijk begeleider kwam ik tot het inzicht dat die situatie
me geleidelijk aan omvormde tot een ander persoon, iemand waar ik niet van
hield. Ik was iemand aan het worden in reactie
tegen hem.
je verhindert om de persoon te worden die je wil zijn” was zijn goede raad.
“Hij heeft er het recht niet toe en eigenlijk ook niet het vermogen. God
verlangt van jou dat je een liefhebbend en beminnelijk man wordt. Laat je daar
niet van afbrengen.”
passen. Maar het gaat wel naar de kern. Word zoals God verlangt dat je wordt,
en laat niet toe dat je vervormd wordt door andermans problemen.
